Contactpersonen

Nog altijd zijn er in vele kerken contactpersonen voor het werk van de militairen. Dat is niet veranderd, ook al is er om hen heen wel veel veranderd. Zo kende defensie de afgelopen twintig jaren talloze reorganisaties, bezuinigingen en veranderingen. De afschaffing van de dienstplicht is maar een van die veranderingen. Maar ook in de kerkelijke zorg voor militairen veranderde veel. De belangrijkste verandering is wel dat de CCGG (Contact Commissie Gereformeerde Garnizoens Kerken) een onderdeel werd van de deputaten Geestelijke Verzorging Militairen (Dep. GVM). De Gereformeerde Kerken hebben hiermee erkend dat de zorg voor militairen een kerkelijke taak is, en dat deze specifieke taak in stand moet blijven.

Temidden van al deze veranderingen bleef de contactpersoon. En die contactpersoon blijft belangrijk. Want de militair als persoon is gebleven. En die militair heeft een zware taak tegenwoordig. Door de vrede binnen Nederland en veelal ook binnen de ons omringende landen is het motto van defensie niet meer “het verdedigen van eigen grondgebied” maar is de krijgsmacht meer gericht op het herstellen van vrede en het toezien op bestanden in oorlogsgebieden. Onze broeders en zusters die kiezen voor een taak binnen defensie of die al jaren werkzaam zijn binnen defensie worden met deze “mottowijziging” geconfronteerd. U zult begrijpen dat dit voor de broeders en zusters en hun achterban niet zonder gevolgen is. Plaatsingen in het buitenland, in oorlogsgebieden of onrustige omgevingen waar de vrede broos is, komen vaak voor. Dit heeft voor de militair en zijn gezin ingrijpende gevolgen.

De Dep. GVM hebben als taak de onderlinge bekendheid van de broeders en zusters die binnen defensie werkzaam zijn, te vergroten, waardoor zij elkaar kunnen vinden en ondersteunen, met name in hun geloofsleven.

Het is niet gemakkelijk om die militairen te vinden. Vroeger was de dienstplichtige leeftijd een goed ijkpunt. Maar dat is nu anders. Juist in het vinden van de militairen heeft de contactpersoon tegenwoordig een cruciale rol. Hij kent beter dan de deputaten zijn gemeente. Hij weet wie zich aanmelden bij de krijgsmacht. Hij kan dus contacten leggen met het deputaatschap. Hij is ook de eerst aangewezene om de (aanstaande militair) voorlichting geven. Overigens moet duidelijk zijn: de kerkenraad blijft verantwoordelijk voor de ambtelijke zorg van zijn militairen.

Wat zijn nu de taken van een contactpersoon?

Heel wat! Zijn taak is intensief, omdat de contactpersoon binnen de gemeente niet meer zo eenvoudig te weten kan komen wie er belangstelling heeft voor een taak binnen defensie.

De taken:

◦ Hij is de contactpersoon naar en van de Dep. GVM;

◦ Hij is de contactpersoon tussen gemeente (militairen) en kerkenraad;

◦ Hij is belast met de begeleiding van de militair.

◦ Hij is de contactpersoon naar en van de Dep. GVM

◦ Hij wint regelmatig informatie in bij de jongeren en/of bij de kerkenraden met als doel te weten te komen wie er willen gaan solliciteren bij defensie.

◦ Hij moedigt de bij hem bekende broeders en zusters aan zich aan te melden bij het secretariaat van de Dep. GVM, zodra zij in dienst gaan. Dit kan via de website van de deputaten: netwerk.militairen.gkv.nl/

◦ Hij maakt gebruik van de Dep. GVM om een voorlichtingsavond met betrekking tot het werken binnen de krijgsmacht te verzorgen. Dit kan b.v. een verenigingsavond zijn. Dit met als doel de jongeren al in een vroeg stadium bewust te maken van de voor – en nadelen van een keuze voor defensie.

◦ Hij is de contactpersoon tussen gemeente en kerkenraad

◦ Hij is aangesteld door de kerkenraad en als zodanig verantwoording verschuldigd aan hem. Vorm en
inhoud van deze verantwoordelijkheid dient door de kerkenraad zelf ingevuld te worden.

◦ Hij wijst de militair op de website van de Dep. GVM, en alle daarop beschikbare informatie.

◦ Hij informeert de militairen over de door de Dep. GVM te organiseren activiteiten, bij voorbeeld thuisfrontdagen en andere bijeenkomsten. Hij kan ook de deelname stimuleren.

◦ Hij kan er zorg voor dragen dat de gemeente op de hoogte is van het verblijf in het buitenland van een broeder of zuster middels b.v. het kerkblad. Hij kan regelmatig een stukje schrijven of laten schrijven door de in het buitenland verblijvende broeders of zusters. Op deze wijze blijft de gemeente betrokken bij de betreffende militair(en) en zijn/haar achterban.

◦ Indien gewenst zal hij ouders of kerkenraden informeren over de noodzaak tot extra ambtelijke zorg.

◦ Hij is belast met de begeleiding van de militair(en)

◦ Hij informeert regelmatig bij de militair hoe hij/zij het ervaart in dienst (kamergenoten, dagelijks werk, commandanten, vrijetijdsbesteding e.d.)

◦ Hij kan, wanneer hij geconfronteerd wordt met vragen die in eigen huis of gemeente niet beantwoord kunnen worden, deze vragen doorspelen naar de Dep. GVM.

◦ Hij laat bij een plaatsing in het buitenland direct contact opnemen met de buitenlandcoördinator van de Dep. GVM. Zo kan de aanstaande vertrekkende militair maximaal geïnformeerd worden over bestaande contacten aldaar, dit om te late informatie wederzijds te voorkomen. Aanmelding kan via  www.gkv.militairen.nl De buitenlandcoördinator kan alleen bij tijdig bericht een bezoek aan de militair afleggen. Daarnaast is het goed om het contact met het thuisfront te houden tijdens de uitzending.

Enkele praktische tips:

◦ Bespreek voor het in dienst treden van een broeder of zuster met hem of haar enkele onderwerpen van de website. Geef met
name aandacht aan de bijzondere plaats die men veelal ten opzichte van de kamergenoten en binnen gevechtseenheden zal          innemen. Vooral binnen gevechtseenheden wordt gewerkt aan een sterke band. Dit vraagt om verantwoordelijkheid in de
dagelijkse levensstijl (Denk aan: bidden voor de maaltijd, lezen in de bijbel, gepast alcoholgebruik en de risico’s van gokken
en drugs). Belangrijk is ook er op te wijzen dat militair zijn geen risicoloze baan meer is. Al snel zal een militair met
uitzending te maken krijgen. Bij uitzendingen wordt het geweldsniveau de laatste jaren steeds hoger.

◦ Verwijst u de aanstaande militair naar de wijkouderling of de wijkpredikant voor een ambtelijk gesprek

◦ Informeer over de mogelijkheden tot het bezoek van kerkdiensten (ook tijdens oefeningen). Vraag er aandacht voor dat de opleidingsperiode meestal zo zwaar is, dat er bijna geen ruimte is voor catechisatie of vereniging in de kerk van de opleidingsplaats. De deputaten zijn van mening dat militair zo’n zware taak is, dat het goed is om van tevoren belijdenis van het geloof afgelegd te hebben.

◦ Verwijst u de militair bij eventueel openstaande vragen naar de Dep. GVM, dan wel vraagt u ons zelf om informatie over zaken waar u geen raad mee weet.

◦ Laat de aanstaande militair niet met vragen de dienst in gaan waar dat niet nodig is!

 

Contactpersonen in ‘garnizoenskerken’

Contactpersonen in garnizoenskerken hadden altijd een bijzondere taak. Zij zorgden voor opvang en registratie van militairen die in hun gebied gelegerd waren. Veel militairen vonden daar een thuis, en soms ook een vrouw. Nu is de term garnizoenskerk een achterhaalde term, omdat er geen garnizoenen meer bestaan. Wel bestaan er nog steeds plaatsen in Nederland waar grote concentraties militairen gelegerd zijn. De verwachting en ook de praktijk is, dat die opvangtaak steeds minder wordt. Militairen zijn mobiel, blijven zo weinig mogelijk op de kazerne en ervaren het kazernewerk vaak als een gewone 8-5 baan. Daarom zal er aan de contactpersoon als gastgezin steeds minder behoefte zijn.

Vastgesteld in de vergadering van de DEP. GVM 1 april 2005